Twaalf tips om de hitte (tot 37°) te weerstaan

zon

Veel ouderen zullen de komende dagen last krijgen van de tropische temperaturen. Kans op uitdroging en oververhitting liggen op de loer. Het Nationaal Ouderenfonds komt daarom met hittetips en roept op om deze kwetsbare groep op deze warme dagen te helpen en extra in de gaten te houden.

Veel drinken, rustig aan doen, uit de zon blijven en de kleur van de urine in de gaten houden. Dat zijn belangrijke tips bij het tegengaan van uitdroging en oververhitting. “Ouderen transpireren minder en ook hebben ze vaak minder dorst”, zegt Marjolein van der Gaag, woordvoerster van het Nationaal Ouderenfonds. “Daarom is het echt belangrijk dat ze voldoende vocht binnenkrijgen.”

Simpele maatregelen maken een groot verschil. Via tips kunnen verzorgenden uitdroging herkennen en ouderen zelf de hitte wat dragelijker maken. De hittetips zijn ook te vinden via: www.ouderenfonds.nl. Daarnaast kan iedereen tijdens kantooruren voor meer informatie of advies terecht bij: 0900-6080100 (lokaal tarief).

Hittetips

  • Drink minstens twee liter water, vruchtensap of kruidenthee verspreid over de dag (meer als u veel transpireert), ook als u geen dorst heeft. Neem water mee als u naar buiten gaat. Wees matig met alcohol, cafeïne houdende dranken en dranken met suiker, deze onttrekken juist vocht aan uw lichaam. Als u minder dan normaal plast of als uw urine donkerder wordt, dan moet u meer drinken.
  • Denk aan uw huid wanneer u naar buiten gaat! Smeer de onbedekte huid goed in met een zonnebrandmiddel met hoge beschermingsfactor.
  • Ga indien mogelijk alleen ‘s morgens naar buiten. Probeer, als het erg warm is, zoveel mogelijk binnen te blijven tussen 11.00 en 17.00 uur.
  • Draag lichte, luchtige kleding, het liefst van katoen, linnen of andere natuurlijke vezels. Bedek uw hoofd met een zonnehoed of zonneklep wanneer u naar buiten gaat. Vervang een dekbed of deken door een laken.
  • Verzorg wondjes extra goed ter voorkoming van ontsteking.
  • Blijf goed eten, eiwitrijk en met voldoende vitaminen, en zorg voor voldoende zoutopname. Groenten en fruit zijn goed omdat deze een hoog percentage water bevatten en een natuurlijke bron zijn van vitamines en minerale zouten. Soep, bouillon, melk, ijs of tomatensap vullen het verloren zout aan. Zorg voor goede koeling van etenswaren en zorg voor goede hygiëne in de keuken; bij hoge temperaturen bederft voedsel eerder, waardoor u sneller diarree kunt krijgen en veel vocht kunt verliezen.
  • Houd de warmte zoveel mogelijk buiten. Door rechtstreekse zoninval te vermijden, zonnewering te gebruiken en deuren en ramen overdag dicht te houden en ‘s avonds en ‘s nachts maximaal te luchten. Als dit niet mogelijk is i.v.m. inbraakpreventie, laat dan (schone) ventilatieroosters permanent open. Doe ook lampen en computer zoveel mogelijk uit.
  • Als u het warm heeft, maak dan uw gezicht, hals, polsen en benen nat en herhaal dit regelmatig. Een nat washandje of voetenbadje werken ook verkoelend.
  • Vermijd overmatige inspanningen en neem veel rust.
  • Gebruik een ventilator of ga naar koele of airconditioned ruimtes. Gebruikt u een ventilator, plaats deze dan hoog genoeg en let erop dat de luchtstroom niet direct op uw lichaam is gericht. Let op te grote temperatuurverschillen en tocht.
  • Woont u alleen, heeft u gezondheidsklachten en veel last van de warmte, vraag uw buren of familieleden dan een extra oogje in het zeil te houden of u regelmatig even te bellen.
  • Wees alert op uzelf. Ga met gezondheidsklachten direct naar de huisarts. Vraag uw huisarts ook om advies wanneer u medicijnen gebruikt die vocht afdrijven of die inwerken op de geestelijke toestand (neuroleptica).

Hoe herkent u uitdroging?

  • Sufheid: een moe gevoel, niet meer helder kunnen denken.
  • Duizeligheid bij het opstaan, als dat anders niet zo is.
  • Hoofdpijn.
  • Donkere urine.
  • Een droog gevoel in de mond.
  • Spierkrampen: door het uitdrogen verliest uook belangrijke mineralen in het lichaam, waardoor spierkrampen kunnen ontstaan.
  • Flauwvallen en wegvallen.
  • Misselijkheid en braken.
  • Minder helder en minder goed aanspreekbaar zijn, soms wat meer geïrriteerd zijn.
  • De ogen liggen dieper in de kassen.
  • Het meten via de huid van de hand (als de huid blijft staan na optillen) werkt bij ouderen veel minder, omdat hun huid minder elasticiteit heeft.

bron: ouderjournaal